Ik wilde vroeger altijd politieagent worden. Toch waren er al vroeg in mijn leven indicaties dat ik iets anders wilde gaan doen. Ik neem je mee langs de weg van mijn schrijverschap.
Ik was als kind al een fanatiek lezer. Toen ik een jaar of 9 was, had ik opeens de drang om een boek te schrijven. Ik had alleen geen idee wat. Daarom pakte ik het boekje ‘De kleine meubelmaker’, dat ik toen aan het lezen was, en zette het tegen de computer. Dat was nog zo’n gigantische kast van een scherm. Ik opende Word en aangemoedigd door Clippy – kent u hem nog? – begon ik het verhaal maar over te typen. Ik voelde me een echte schrijver.
Pas in de zomer van 2023, ik was toen 25, durfde ik eindelijk aan het verlangen toe te geven. Het verlangen had zich de afgelopen jaren in golven, maar steeds krachtiger en regelmatiger, aan me opgedrongen. Op een slapeloze nacht hield ik het niet meer: het verlangen, de creatie moest eruit. Ik begon in mijn donkere studentenkamer de eerste voorzichtige woorden van mijn uiteindelijke debuut ‘Anda: het geheim van het ei’ op papier te zetten.
De eerste maanden waren pittig. Ik durfde nog niet toe te geven aan het idee dat ik schrijver was. Het voelde raar. Ik blokkeerde regelmatig, puur uit angst voor het vervullen van een droom. Van het idee dat ik raar bezig was. Ik had het nodig om in mijn werkdocument motiverende zinnetjes aan mezelf te schreven, zodat mijn creativiteit niet geblokkeerd werd met mijn zelfkritiek.
Twee jaar lang schreef ik aan Anda. Eerst langzaam, onregelmatig, soms maanden niet. Ook omdat de pabo niet wachtte. Toen steeds gestructureerder en fanatieker. Soms staarde ik naar het document en kwamen de woorden niet. Soms sprong ik midden in de nacht uit bed omdat het verhaal dat in mijn hoofd zat eruit móést. 's Nachts en onder de douche krijg je de beste ideeën.
Wat uiteindelijk hielp om mezelf te omarmen als ‘schrijver’, iets wat zo ver weg, zo groot leek dat ik het niet durfde aan te kijken, was door mezelf te profileren als schrijver, ook al was mijn boek nog niet gepubliceerd. Ik zette het in mijn bio’s op social media en ging het vertellen als mensen vragen wat ik deed met mijn leven. Mensen vonden het vaak juist iets leuks en positiefs, niet iets raars.
Inmiddels ben ik er zoveel mee bezig dat het voelt als een tweede natuur. Ik vind het heerlijk om me urenlang te verliezen in het creëren van een wereld die alleen bestaat in mijn hoofd. Ik geniet ook van alles wat er extra bij komt kijken. Soms duiken de stemmetjes nog op, die zeggen dat het belachelijk is dat ik mezelf schrijver durf te noemen. Maar dan kijk ik naar mijn boekenkast, waar een boek staat waar écht ‘Marijn van den Berge’ op gedrukt is. Dan knijp ik mezelf even in mijn arm en dan weet ik: ja, ik bén echt schrijver.
Wil je op de hoogte blijven van de laatste blogs, schrijfupdates, primeurs en ander nieuws? Schrijf je dan nu in voor mijn nieuwsbrief!
Reactie plaatsen
Reacties